Hoe rechtstreexer, hoe beter! Over de verbindende kracht van Rotterdamse muntblaadjes

Ik ben toevallig in de stadskruidentuin Rotterdamse Munt beland. Yasmina uit Kroatië zet meteen en grote pot muntthee voor me klaar. En daarna, zonder enige moeite, neemt een groepje mensen mij op sleeptouw, letterlijk en figuurlijk, in het verhaal van deze gemeenschappelijke tuin.

rotterdamse-munt

Op 1 juli 2016 telde Rotterdam 631.687 inwoners en 173 nationaliteiten. Deze wereldstad is één van de trieste koplopers in Europa op vlak van fijn stof en slechte luchtkwaliteit. Bovendien is Rotterdam duidelijk erg gesegregeerd: armere groepen wonen in andere buurten dan de rijke ‘yups’ (zoals Jeanine en Sandra hen noemen). Het water van de Maas is één van de assen die het noorden van de stad, zijnde het welvarende deel, scheidt van het zuid, zijnde het minder welvarende.

Stadstuinen, buurtmoestuinen, voedselbossen, wijktuinen, schooltuinen, pluktuinen, bewonerstuinen, … zijn zeker voor Rotterdam-Zuid geen zandbakken voor de burgerij (zoals transitieplekken wel eens oneerbiedig en met veel geweld voor de waarheid worden gecatalogeerd), maar een kwestie van levensnoodzakelijke zuurstof, levenskwaliteit en ontmoetingskansen. Voor kinderen die hier opgroeien en zonder geld voor vakantiereizen zijn sommige tuinen de enige publieke ruimtes die nog resten.

Op een stadsnatuurkaart, die een schat aan informatie van burgerschapsdynamiek bevat en een sociale functie heeft, zijn 58 groene zones in kaart gebracht.

Ook de Rotterdamse Munt is enkele jaren geleden door een vinnige burger (Ingrid Ackermans) opgestart. Het is hier goed voor mensen. Op plaatsen waar de natuur opnieuw ruimte krijgt, kan ook de mens vaak verademen. Ik zie vooral vrouwen de tuin in- en uitlopen. Een haas die voor het muntterras spurt. ’t Is hier ook een feest voor bijen en hommels.

In enorme uitgestrekte bakken worden aardbeien, massa’s tuinkruiden en lavendel gekweekt. Een stevig tuinhuis – ook door vrijwilligers gebouwd – doet dienst als verdeelpunt voor het voedselteam Rechtstreex. Janos uit Tsjechië, één van de vrijwilligers, staat me te woord. Hij verwerkt de kruiden (hij doet ze in worst en kaas of droogt ze voor thee) die nadien worden verkocht aan verschillende restaurants in de buurt en hubs in de stad. Met de opbrengst van de cafetaria en de verkoop kunnen de vele burgers/vrijwilligers de huur van de grond, in tijdelijke bruikleen door de stad, bekostigen. De tuin grenst aan de Afrikaanderwijk, één van de kleurrijkste en armste buurten van Rotterdam (waarover later meer).

Nadien drink ik een tas koffie in een Turks café en geniet ik van een heerlijk stuk gebak bij Bakkerij Nieuw Fes. Ah, Fez, een magische stad in Marokko. Ik fietste er in 2015, maar de jonge verkoopster is er nog niet geweest. Het terras is trouwens perfect om Jan Brokken te lezen. ‘Rotterdamser’ kan literatuur niet zijn. Zeker Blok is een pareltje.

Voor Gluren bij de buren lijkt Rotterdam me een zeer interessante stad. De duiding bij de stadsnatuurkaart zegt immers alles: “Gemeenschappelijke tuinen, vaak in het hart van wijken, die publiek toegankelijk zijn en worden gerund door een groep buurtbewoners zijn steeds meer een onderdeel geworden van een stedelijke cultuur”.

En het gaat ook over democratie natuurlijk: “Bottom-up initiatieven voor stadslandbouw en stadstuinen veranderen Rotterdam in een groenere stad, gewaardeerd door bewoners en bezoekers”. Zelf vind ik dat het woord gedragen nog ontbreekt.

Ik vraag mijn vrouw Sofie om nog een extra dag te mogen gluren in deze bijzondere stad.

Wil je meer weten?

rotterdamse-munt-2

In oktober publiceren we nog 2 fragmenten naar aanleiding van het voorbereidingsbezoek aan Rotterdam. Stefaan bezocht onder andere het Wijkwaardenhuis in de Afrikaanderwijk en het Hefpark.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *