Over stadsboeren in de driehoek Arnhem, Apeldoorn en Deventer

Vanaf Arnhem richting Zwolle via Apeldoorn, Deventer en Olst bots ik totaal ongepland op massa’s stadslandbouwprojecten; in Olst zelfs op een wijk die de bewoners helemaal zelf en voor elkaar hebben gebouwd.

Het was overdonderend, hartverwarmend en verschrikkelijk enthousiasmerend. Ik was amper het station van Arnhem Centraal uit en nog niet eens aan het Indisch Museum geraakt, toen mijn oog op dit bord viel: KWEEKLAND, van boer naar bord. Ik raak meteen aan de praat met Monique, Marcel, Simonis … Simonis Sustainable staat er op haar kaartje, ze is cultureel antropoloog.

In Arnhem wordt de venkel besproeid. Monique is trots dat er sinds kort een wethouder (schepen) de bevoegdheid van stadslandbouw heeft, da’s een unicum.

Apeldoorn. Ook Kate, afkomstig uit Dorset, geeft de planten water. Ook mijn blote tenen in mijn sandalen krijgen een beurt. Kate werkt in de verslaafdenzorg. Met de bewoners, met een deel van haar cliënten én met dichte buren runt ze een tuin aan de rand van Apeldoorn. “Groenten kweken en voor een tuin instaan, is het beste wat we kunnen doen voor onze gasten“, vertelt ze. Met een subsidie van het Oranjefonds trachten ze ook een buurtcompostering (zoals de Compostbakkers in Den Haag) op te zetten. En het gaat goed. Ik tel een compostbak van ruwweg tien meter lang, twee meter breed en één meter hoog. Pieren doen ook hier waar ze goed in zijn: vreten en schijten.

In Olst – ik tuur bij een hitte van dertig graden ook naar levende wezens die mijn lege drinkbussen willen vullen- valt mijn oog op een gekke verzameling spaceship-achtige woonhuizen. “Het zijn er 23. Dankzij de inspiratie van een Australiër hebben we de eerste reeks met autobanden gebouwd. Het grootste deel huizen kent een iglo-achtige muts en een basis van geperst stro”, deelt Hans mee.

De kinderen spelen in elkaars tuinen. Auto’s staan aan de zijkant. Het is gewoon fantastisch. Mijn vraag of ze soms samen eten is belachelijk. “We hebben elkaars huizen gebouwd. Dat gaat wel wat verder dan eens per week samen eten hé“, lachen ze. Iedereen die hier kuiert, is ontzettend spraakzaam. Tijdens de bouwfase kwamen veel Belgen helpen, ben ik daarom misschien extra welkom?

Het gekste moet nog komen. Hennie en haar twee zussen wonen in Den Nul, net voor Wijche. Ze duwen energy boost drankjes en Ice Tea in mijn zwarte fietstas. En ze willen me liken op Facebook, deze dames van zestig op een woonwagenplek. Het wordt verdomd gezellig en ze zijn rad van tong. Hennie’s twee zussen vragen of ik haar niet voor drie dagen kan meenemen. Het ADHD-zusje gaat prat op de Vlaamse roots van haar grootvader: “Michielsen, dat komt toch veel voor in Vlaanderen hé?”

In Deventer, prachtig langs de Ijssel, doe ik me tegoed aan wilde bessen in een publieke pluktuin. In Apeldoorn eet ik bloedrijpe kersen, ik laaf me mateloos aan al dit stedelijk-rijp.

De Vrienden op de Fiets – Tiny en Kees – zijn zalige mensen. We wisselen uit over tamme bramen, protestantisme en Zwolle. Het fietstraject tussen Arnhem en Beekbergen loopt door de Veluwse Zoom. Het is een topdag. Ik sluit hem af met Hella Haasse, Heren van de thee is meesterlijk geschreven.

PS: Diezelfde avond toont Nieuwsuur op NPO2  wat er allemaal mis- en niet loopt in Nederland. Er is bvb. een gebrek aan passende zorg in de jeugdpsychiatrie. Wanhopige moeders getuigen over hun dochters die om hulp smeken en die niet krijgen. Een schande in één van de rijkste landen ter wereld.

Stefaan fietste op 21 juni van Arnhem naar Zwolle.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *